FOMO verminderen: zo stop je met ‘2 seconden’ checken

Je belooft jezelf “twee seconden” te checken… en toch ben je weer tien minuten verder. In dit artikel ontdek je waarom FOMO zelden over je telefoon gaat, maar wél over een alarmsysteem in je lijf dat te vaak afgaat. Met het verhaal van Lien en een paar onontwijkbaar concrete mini-stappen leer je hoe je die checkreflex doorbreekt zonder heroïek – zodat je weer echt aanwezig bent, op je werk én thuis.

“Twee seconden.”
Dat is wat je jezelf belooft wanneer je telefoon trilt.

En je weet al dat het zelden twee seconden blijft.

Lien zei het in een vergadering. Duim al boven het scherm. Schouders omhoog. Adem hoog.
“Ik kijk gewoon even. Straks mis ik iets.”

Ze lachte erbij, alsof ze het licht wilde houden. Maar haar lijf vertelde iets anders: spanning, haast, een knoop in haar buik.

Later vertelde ze wat het haar kostte. Thuis was haar partner iets aan het vertellen. Hun zoon zwaaide met een tekening. Lien knikte op de juiste momenten… en vroeg tien minuten later: “Zeg, waar ging dat nu weer over?”

Dat moment bleef hangen. Niet omdat ze een slecht mens is. Wel omdat ze zichzelf herkende in dat half-aanwezig zijn.

En misschien herken jij dat ook.

Mentale coach helpt bij FOMO: persoon legt smartphone weg tijdens vergadering en kiest voor rust en focus.

Het echte probleem is zelden “te veel checken”

Als je dit herkent: je bent niet zwak. Je bent mens. En waarschijnlijk iemand die graag goed doet, graag juist doet, graag niemand teleurstelt.

Maar hier is de verschuiving die veel opluchting geeft:

Je probleem is meestal niet je telefoon.
Je probleem is dat je systeem te vaak op alarm staat.

Ik noem dat graag je rookmelder.

Een rookmelder piept niet omdat hij lastig wil doen. Hij piept omdat hij denkt dat er gevaar is. Soms is dat een echte brand. Soms is het gewoon toast.

En dat is exact wat er bij FOMO vaak gebeurt.

FOMO is een alarm. Geen opdracht.

Je FOMO is geen honger naar updates

Het voelt alsof je informatie mist.

Maar vanbinnen is het meestal iets anders: je zoekt geruststelling. Je zoekt dat gevoel: ik hoor erbij, ik ben mee, ik tel.

Daarom deze zin (zet hem desnoods in je hoofd op een Post-it):

FOMO is honger naar geruststelling, verpakt als honger naar updates.

En als je perfectionisme of bevestigingsdrang hebt, wordt het sneller luid. Niet omdat je “te gevoelig” bent. Wel omdat jouw brein getraind is om fouten en risico’s op tijd te zien. Dat heeft je ver gebracht.

Alleen: bij vage signalen schiet die radar door.

  • Een stille chat wordt: ze zijn mij vergeten.
  • Een korte mail wordt: ik heb iets mis gedaan.
  • Een foto van anderen wordt: mijn leven is minder.

Je vult een leegte op met een verhaal. En meestal is dat verhaal niet het vriendelijkste.

Doe dit nu (20 seconden): betrap je rookmelder

Denk aan je laatste trigger. Echt één concreet moment.

Sluit even je ogen. Waar voel je het in je lijf?
Borst? Buik? Keel? Schouders?

En welk zinnetje start er in je hoofd?

Schrijf dat zinnetje op. Eén zin is genoeg.
Je hebt net je rookmelder in actie gezien.

Waarom checken zo verleidelijk is (en waarom het je vastzet)

Als je alarm afgaat, wil je maar één ding: rust in je lijf.

Dus je checkt. Je haakt aan. Je reageert snel.
En ja… dat geeft opluchting.

Maar er is een nadeel: je brein leert iets mee.

Het leert: onrust → telefoon → opgelucht.

En dat maakt de reflex sterker. De volgende keer gaat het alarm sneller af. Je hebt niet “minder discipline”. Je hebt een systeem dat zichzelf heeft getraind.

Daarom werkt “gewoon stoppen” bij veel mensen niet. Niet omdat ze niet willen. Wel omdat het lijf nog altijd denkt dat het nodig is.

Er is nog iets dat het verergert: moeheid.
Als je batterij laag staat, gaat je alarm sneller af. Dan voelt stilte niet neutraal, maar dreigend. Daarom piekt FOMO zo vaak ’s avonds, op zondag, of net na een drukke week.

De stille kostprijs

Lien zei iets dat ik vaak hoor:

“Ik ben overal een beetje. En toch ben ik nergens echt.”

Dat is de kost van FOMO: niet alleen tijd. Maar aanwezigheid.

  • Je hoort zinnen half.
  • Je bent sneller prikkelbaar.
  • Je hoofd blijft “aan” terwijl je eigenlijk wilt landen.
  • En je krijgt dat rare gevoel: ik ben de hele dag bezig geweest, maar ik heb niks gevoeld.

Werk beloont soms snelheid, ja. Maar uiteindelijk beloont het ook: focus, helderheid, betrouwbaarheid.
Relaties belonen dat nog sneller: écht aanwezig zijn.

En hier komt de omkering:

Altijd bereikbaar lijken is niet hetzelfde als verbonden zijn.

Wat Lien deed (zonder detox, zonder drama)

Lien wilde eerst drastisch zijn. Alles verwijderen. Alles blokkeren.
Ik zei: “We doen het klein. Zodat je het op een doodgewone woensdag kunt volhouden.”

Eén week. Twee afspraken.

  1. In vergaderingen ging haar telefoon in haar tas. Rits toe.
  2. Twee checkmomenten per dag. Meer niet.

De eerste dag voelde ze zich onrustig. Logisch.
De derde dag zei ze: “Mijn hoofd roept minder vaak ‘hé!’”

En op dag vijf gebeurde het schoonste: thuis luisterde ze naar haar partner en ze was er gewoon bij. Niet perfect. Wel echt.

“Dat heb ik gemist,” zei ze achteraf. En ze bedoelde niet de berichten. Ze bedoelde het moment.

Mentale coach over FOMO: persoon is ’s avonds thuis echt aanwezig met partner/kind terwijl de smartphone weg ligt voor meer rust en verbondenheid.

Kies er twee. Niet vijf.

Geen heroïek. Twee kleine dingen die je deze week echt test. De rest mag wachten.

1) Wil je minder onderbrekingen? Maak dit nu af in 90 seconden.

Pak je telefoon (iPhone/Android): Instellingen > Meldingen

Scroll door de lijst. Alles wat geen mens is (Instagram, LinkedIn, nieuwsapps, “suggesties”): UIT.
Laat alleen berichten en bellen aan van mensen die er toe doen.

Klaar. Je rookmelder piept al minder.

2) Wil je stoppen met “twee seconden”? Zet twee checkmomenten vast.

Zet nu twee alarmen in je telefoon: 12:30 en 19:30. Label ze: check-moment.

Zet ook een tweede alarm 12 minuten later met de tekst: STOP.

In die 12 minuten check je bewust. Buiten die momenten: niet.
Dringend? Dan mogen mensen bellen. De rest wacht.

3) Wil je minder doemdenken bij stilte? Doe één alternatief verhaal.

Telkens je merkt dat je invult, schrijf één zin die óók kan kloppen.

  • “Ze zijn druk.”
  • “Dit zegt niets over mijn waarde.”
  • “Ik weet het niet, dus ik ga geen film maken.”

Eén zin. Niet analyseren. Gewoon je brein een tweede optie geven.

4) Wil je meer echte verbondenheid? Plan één echt moment.

Niet “we moeten eens bijpraten”. Plan het.

  • één belmoment van 15 minuten
  • of één koffie/wandeling

Zet het vandaag in je agenda. Echte verbinding kalmeert je systeem sneller dan nog eens checken.

Als je op het moment zelf een klein zinnetje nodig hebt, gebruik dit (exact 2 zinnen):

“Ik hoor het alarm. Ik check straks.”
“Ik kies nu voor rust.”


Niemand heeft ineens een perfect kalm brein.
Het zijn de kleine afspraken die je systeem weer rustig maken.


Twee vragen om mee te nemen

Wat probeer jij eigenlijk veilig te stellen wanneer je checkt?
En wie krijgt nu vooral je “scherm-versie”, terwijl je echte versie veel waardevoller is?

De volgende keer dat je telefoon trilt in een gesprek: doe hem in je tas tot het gesprek klaar is.
De volgende keer dat stilte je buik prikt: schrijf één alternatief verhaal en laat het daarbij.
De volgende keer dat je wil “even” checken: wacht 30 seconden en adem één keer traag uit.
De volgende keer dat je merkt dat je batterij laag staat: maak je checkvensters kleiner, en je pauzes groter.


Als loopbaancoach, perfectionismecoach en personal breintrainer help ik mensen zoals jij om hun mindset en zelfvertrouwen te ontwikkelen en via kleine stappen naar een groots en gelukkig leven te gaan.

Met bewezen mentale technieken creëren we de gewoontes die jij wil en leer je goede beslissingen te nemen en los te breken van een belemmerend verleden.

Dus neem contact op wanneer je meer wil weten over hoe ik je kan helpen je problemen op te lossen en je doelen te bereiken.

Meer inzichten en tips deel ik graag met jou in een wekelijkse mail. Dus wanneer je je realiseert dat je meer uit het leven wil halen, meld je dan nu aan in via deze link omdat je dan elke week een tip krijgt toegestuurd:

Stuur me tips

Ja, stuur me wekelijks tips

Lees verder:
Onbeperkte relaxatietherapie bij je thuis
Perfectionisme maakt je net minder perfect
Gun jij jezelf een loopbaancoach

P.S. Wanneer je dit artikel waardevol vindt, klik dan nu op een van de knoppen hieronder omdat je zo ook anderen inspireert met deze tips en inzichten. Of stuur het door naar één iemand die deze inzichten kan gebruiken. Want zo draag je bij aan een betere wereld. Dankjewel!

Stoppen met jezelf te vergelijken: zo zet je het scorebord uit

Je zegt niets in de meeting. Iemand anders krijgt het applaus. ’s Avonds herschrijf je nog een mail.

Dit artikel gaat over dat stille moment waarop je niet faalt, maar jezelf begint te vergelijken.

Over het innerlijke scorebord dat punten uitdeelt voor “professioneel” gedrag en je langzaam leeg trekt.

En over kleine, concrete keuzes die dat scorebord stiller maken, zonder je ambitie te verliezen.

Lotte zit in een meetingruimte van een bank. Project lead. Stoelen net te laag, tl-licht net te eerlijk. Ze heeft haar zin klaar. Eén zin. Kort. Juist.

Tom neemt het woord. Zoals altijd.

Hij praat vlot, breed, met die vanzelfsprekende toon alsof zijn ideeën al goedgekeurd zijn vóór hij ze uitspreekt. Lotte voelt haar adem hoog schieten. Schouders omhoog. Ze slikt.

Ze wéét wat er ontbreekt. Ze wil het aanvullen.

Ze doet het niet.

Vijf minuten later zegt Tom bijna haar zin. Iets minder scherp, maar luid genoeg. De leidinggevende knikt. “Ja. Goeie invalshoek.”

Lotte glimlacht mee.

En vanbinnen: au.

Project lead die zich inhoudt in een meeting terwijl collega zichtbaar scoort op KPI’s, herkenbaar moment van jezelf vergelijken op het werk.

Twee weken later staat Tom op een interne sessie “best practices” met… haar idee. Zijn naam op de slide, haar nuance in zijn mond. In de zaal wordt geknikt. Er wordt gelachen op de juiste momenten.

Die avond thuis vraagt haar partner iets eenvoudigs: “Hoe was het?”

Lotte antwoordt: “Oké.”

En dan snauwt ze over afgewassen glazen die verkeerd in de kast staat. Niet omdat die glazen verkeerd staan. Omdat zij leeg is.

In haar evaluatie staat later: “Je mag meer ownership tonen.”

Ze leest het twee keer. Alsof het in de derde keer minder waar zal zijn.

Het scorebord dat je niet ziet

Na diezelfde meeting tikt Lotte een mail naar haar leidinggevende. Ze leest hem één keer. Nog eens. Dan maakt ze een zin zachter. Dan voegt ze een uitleg toe “om het kader te geven”. Dan nog eentje.

Ze kijkt op de klok. 21:47.

Ze verstuurt pas na 22u. “Dan lijkt het minder alsof ik… te gretig ben.”

En dan komt weer die overtuiging naar boven, met schaamte eronder: “Als ik het niet perfect zeg, denken ze dat ik niet op dit niveau hoor.”

Haar duim scrolt door LinkedIn. Tom heeft een post gedeeld over “impact”. Zelfs zijn koffiemok staat zelfzeker op de foto.

In Lotte’s drafts staan drie posts. Stuk voor stuk gewist.

“Te veel.”
“Te persoonlijk.”
“Wie wacht hierop?”

Tom deelt zelfs zijn koffie. Zij durft ‘t niet met haar ideeën.

In haar buik trekt iets samen.

Ik zie dit bij elke cliënt die binnenkomt met “ik wil meer impact”. Ze willen geen impact. Ze willen bewijzen dat ze mogen blijven.

Je brein noemt het “professioneel”. In werkelijkheid is het bang.

Je vergelijkt niet om beter te worden. Je vergelijkt om niet afgewezen te worden.

En als je nu denkt: ja, maar bij mij is het anders…

Dan heb je dit misschien al meegemaakt:

Je zit in een meeting. Iemand zegt iets dat niet klopt. Jij weet het beter. Maar je wacht. Je wacht tot iemand anders het zegt. Zodat jij kan zeggen: “Ja, precies.” Zodat je gelijk hebt zonder het risico. Want als jij het zegt en het voelt verkeerd in de ruimte? Dan sta je daar. Alleen. Zichtbaar.

Of dit:
Je typt een bericht. Leest het. Maakt het korter. Dan weer langer. Dan voeg je een emoji toe. Dan haal je hem weg. Je drukt send. Je checkt meteen of er typo’s in staan. Te laat. Verstuurd. En dan wacht je. Te alert. Te snel. Als de reactie langer duurt dan vijf minuten, denk je: het was te direct. Of te vaag. Of te veel. Of te weinig.

Of dit laatste:

Je wordt gevraagd voor je mening. In een groepschat. Een collega deelt een idee en tagt iedereen: “Wat vinden jullie?” Jij hebt meteen een mening. Een goede zelfs. Maar je wacht. Je wacht tot iemand anders reageert. En als die persoon iets zegt dat lijkt op wat jij dacht? Dan stuur je: “Eens met [naam].” Veilig. Onzichtbaar. Zonder risico.

Dat is het scorebord.

Bij Lotte hangt het niet in een stadion. Het hangt boven haar dagen.

Punten voor snel reageren.
Punten voor niet lastig zijn.
Punten voor alles netjes formuleren.
Punten voor beschikbaar zijn.
Punten voor “rustig blijven”.

Minpunten voor pauze.
Minpunten voor een scherpe zin.
Minpunten voor een grens.
Minpunten voor “ik weet het nog niet”.
Minpunten voor zichtbaar zijn vóór het perfect is.

En als dat scorebord aanstaat, ga je bijna altijd één van twee dingen doen.

Je gaat harder lopen.

Je antwoordt sneller dan nodig. Je legt meer uit dan gevraagd. Je bereidt extra voor “om zeker te zijn”. Je zegt ja om geen punten te verliezen. Je maakt van je werk een bewijsstuk.

Of je verdwijnt.

Je houdt je zin in. Je stelt uit. Je wacht tot het perfect voelt. En dan zie je iemand anders met jouw idee lopen. Je voelt je klein. En je doet alsof het je niet raakt.

Lotte deed ze allebei.

Op kantoor was ze de stille kracht. De betrouwbare. De persoon die dingen oplost zonder drama. Alleen: niemand klapt voor stille kracht. En haar brein maakte daar één harde conclusie van: als het niet benoemd wordt, telt het niet.

Ze werd beter. Ze werd stiller. Ze werd moe.

We vergelijken ons al eeuwen. Dat zit ingebouwd. Jij bent dus niet raar.

Je bent alleen te lang punten aan het sparen voor een veiligheid die nooit komt.

Drie ingrepen die het scorebord onderbreken

Bij Lotte kozen we één plek waar ze altijd scoorde: mails.

Haar patroon was vast: schrijven, herlezen, zachter maken, langer maken, pas sturen als het veilig voelt.

De eerste ingreep was irritant klein. Net daarom werkte hij.

Na 21u: laptop toe. Mail pas morgen.
Geen “nog even”. Geen “ik fix het snel”.

Overdag: schrijf. Lees één keer. Druk send.
Niet herlezen. Niet bijschaven. Niet terugtrekken.

De eerste keer dat Lotte op send drukte zonder herlezen, zat ze drie minuten naar haar inbox te staren. Haar handen trilden.

De reactie kwam. Gewoon: “Thanks, ik kijk ernaar.”

Geen bloedvergieten. Geen puntenaftrek. Alleen haar brein dat moest leren dat de wereld niet instort.

De vierde keer ging het mis.

Ze had “projectplan” geschreven maar “productplan” verstuurd. Haar collega reageerde: “Bedoel je projectplan?”

Lotte typte terug: “Ja, sorry, typo.”

En daar stopte het.

Geen gênante vergadering. Geen “twijfelt ze wel aan haar niveau”-gesprek. Gewoon een typo. Het schuifde voorbij zoals alles voorbijschuift.

En Lotte realiseerde zich iets: niemand telt je fouten behalve jij.


De tweede ingreep ging over meetings. En ja, die voelt spannend.

Spreek vóór Tom.
Niet beter. Niet langer. Gewoon eerder.

Eén zin binnen de eerste tien minuten. Desnoods onbeholpen. Desnoods met een klein bibberke. Eén zin die je niet terugneemt.

Want zodra je wacht, gaat jouw scorebord aan. En dan wordt het moeilijker.

De eerste keer deed Lotte het niet. Te eng.

De tweede keer ook niet. Tom startte meteen.

De derde keer zei ze: “Voordat we verder gaan – ik denk dat we één aanname missen.”

Haar stem trilde. Tom keek op. De leidinggevende zei: “Ga door.”

Ze ging door. Niet briljant. Niet glad. Maar aanwezig.

En dat was genoeg.

Later in die meeting zei Tom iets dat op haar punt leek. Maar deze keer voelde het anders. Omdat zij er al was. Ze hoefde niet te scoren. Ze had al gespeeld.


De derde ingreep was voor na “applausmomenten”. Wanneer iemand anders zichtbaar was, en zij naar binnen klapte.

Na elk applausmoment: schrijf één zin op papier.
“Mijn volgende stap is: ____.”

Niet wat Tom deed. Niet wat jij mist. Eén stap. Jouw stap.

De eerste keer dat Tom applaus kreeg voor een presentatie en Lotte voelde dat bekende samentrekken in haar buik, schreef ze:

“Mijn volgende stap is: mijn analyse van Q4 delen in de teamchat. Morgen. Voor 12u.”

Ze deed het. Geen post. Geen hele presentatie. Gewoon haar analyse. In de chat.

Drie collega’s reageerden. Eén met: “Slim, hier had ik niet aan gedacht.”

Geen staande ovatie. Geen LinkedIn-moment. Maar wel: bewijs dat haar stem telde zonder dat ze Tom hoefde te verslaan.


En voor ’s nachts, wanneer de punten nog rondspoken:

In bed: tien woorden.
Wat beslis ik morgen? Tien woorden. Klaar. Wegleggen.

Dit zijn geen mooie gewoontes.

Dit zijn kleine sabotage-acties tegen je scorebord.

Je scorebord gaat niet weg omdat je het begrijpt. Het wordt stiller omdat je het onderbreekt.

Wat er veranderde

Zes maanden later zit Lotte weer in een meetingruimte. Stoelen nog steeds te laag. Tl-licht nog steeds te eerlijk.

Tom neemt het woord. Zoals altijd.

Maar deze keer wacht Lotte niet tot hij klaar is. Ze wacht tot hij adem haalt. En dan zegt ze: “Ik wil daar op doorgaan.”

Geen perfecte zin. Geen voorbereid statement. Gewoon: haar stem in de ruimte.

Tom knikt. “Ga je gang.”

De leidinggevende kijkt haar aan. Geen oordeel. Alleen aandacht.

En vanbinnen: geen au. Geen punten. Alleen ruimte.

Dat is het verschil.

Niet dat ze nu altijd wint. Niet dat Tom stopt met praten. Niet dat haar evaluaties ineens vol staan met complimenten.

Maar ze speelt niet meer op een scorebord dat niemand ziet.

Ze speelt in de ruimte die er is.

Haar mails gaan uit wanneer ze klaar zijn. Haar ideeën komen naar buiten vóór ze perfect zijn. En soms gaat het mis. En dan corrigeert ze. En de wereld draait door.

Thuis snauwt ze niet meer over de afgewassen glazen. Niet omdat de glazen nu goed staan. Maar omdat ze niet meer leeg is.

En nu jij

Als je dit leest en denkt: “Dit ben ik, maar ik kom er alleen niet uit” – dat snap ik.

Daarom werk ik met mensen zoals jij om de mindset te veranderen die je klein houdt. Niet met mooie woorden. Met kleine, concrete interventies die je scorebord onderbreken.

Want hier is de waarheid: je scoort al genoeg punten.

De vraag is: voor wie tel je ze?


De volgende keer dat iemand anders applaus krijgt en jij krimpt: schrijf meteen één zin: “Mijn volgende stap is…”

De volgende keer dat je “goeie vraag” zegt om tijd te winnen: zeg daarna binnen vijf seconden je echte antwoord.

De volgende keer dat je na 21u nog aan een mail wil prutsen: laptop toe. Morgen.

De volgende keer dat je Tom hoort starten: spreek binnen de eerste tien minuten één zin uit.

De volgende keer dat je in bed punten begint te tellen: tien woorden, wegleggen, slapen.

Dit zijn geen tips. Dit zijn onderbrekingen.

En onderbrekingen zijn het enige wat werkt tegen een scorebord dat altijd aan staat.


Meer inzichten en tips deel ik graag met jou in een wekelijkse mail. Dus wanneer je je realiseert dat je meer uit het leven wil halen, meld je dan nu aan in via deze link omdat je dan elke week een tip krijgt toegestuurd:

Stuur me tips

Ja, stuur me wekelijks tips

Lees verder:
Onbeperkte relaxatietherapie bij je thuis
Perfectionisme maakt je net minder perfect
Gun jij jezelf een loopbaancoach

P.S. Wanneer je dit artikel waardevol vindt, klik dan nu op een van de knoppen hieronder omdat je zo ook anderen inspireert met deze tips en inzichten. Of stuur het door naar één iemand die deze inzichten kan gebruiken. Want zo draag je bij aan een betere wereld. Dankjewel!

Je hoeft niet van job te veranderen om weer adem te halen

Tijdens de kerstvakantie komt er vaak ruimte om eerlijk te voelen hoe je job écht binnenkomt. Veel mensen denken dan aan “veranderen van werk”, terwijl er soms iets anders nodig is: je job hertekenen vanbinnenuit. In dit artikel ontdek je jobcrafting: een eenvoudige manier om je taken, de betekenis van je werk en je samenwerkingen zo bij te sturen dat je weer ademruimte ervaart. Met herkenbare voorbeelden en micro-acties die je meteen kan toepassen, ga je 2026 in met meer stuur en minder uitgeput “volhouden”.

Een eenvoudige techniek die je vandaag al kan toepassen

Het is kerstvakantie.

Buiten hangt er zo’n stille kou die alles zachter maakt. Binnen staat de boom er nog. Er liggen restjes in de frigo waar je “nog iets mee moet doen”. En ergens tussen twee familiebezoeken door voel je ruimte in je hoofd.

Niet omdat alles opgelost is.
Wel omdat het even stiller is.

Noor zit thuis aan de keukentafel.

Niet omdat ze vandaag moet werken.
Ze “kijkt gewoon even”.

Laptop open. Telefoon binnen handbereik.
En je ziet het aan haar lijf: schouders hoog, adem kort, kaak gespannen.

“Het is maar tien minuutjes,” zegt ze tegen zichzelf.
Dat is de grootste leugen van moderne tijden, vlak na “ik ga straks vroeg slapen”.

Op haar scherm: mails die op zich niet erg zijn, maar samen een druppelmachine worden.
Op haar gezicht: een glimlach die ze zelfs aan zichzelf probeert te verkopen.

Ze zucht en fluistert: “Ik kan dit in 2026 toch niet opnieuw zo doen?”

Vrouw aan keukentafel tijdens kerstvakantie met laptop en smartphone, gespannen houding en geforceerde glimlach, subtiele kerstboom op de achtergrond, thuiswerkstress en mentale onrust.

En dan komt het zinnetje dat ik in coaching vaak hoor, zeker in deze periode:
“Ik wil niet weg. Ik wil dat dit wél werkt.”

Dat is een volwassen dilemma.

Want je voelt dat je job je leegtrekt, maar je wil geen aardbeving in je leven.
Je wil niet alles omgooien. Je wil terug adem.

Veel mensen denken dat er maar twee opties zijn: blijven en afzien, of vertrekken en opnieuw beginnen.
Alsof je alleen kan winnen door een deur dicht te slaan.

Soms is vertrekken de juiste keuze.
Alleen is dat vaak niet het eerste wat nodig is.

Soms moet je niet weg.
Soms moet je je job hertekenen.

Waarom dit je zo moe maakt

We zijn werk gaan zien als een pakket. Functietitel, takenlijst, succes ermee.
En als het wringt, dan ga je zoeken naar een nieuw pakket.

Maar vaak ligt het probleem niet in “waar je werkt”, wel in “hoe je werk is opgebouwd”.

Hoe meer je denkt dat je een nieuwe job nodig hebt, hoe groter de kans dat je vooral een nieuwe versie van je huidige job nodig hebt.

Niet omdat je jezelf moet wijsmaken dat iets dat wringt “toch oké” is.
Wel omdat je soms vastzit in een rol, niet in een bedrijf.

Ik gebruik graag dit beeld: je job is een muur van bakstenen.
Je kan die muur afbreken en ergens anders opnieuw beginnen.

Of je verlegt drie stenen.
En plots zit er een deur waar eerst alleen muur was.

En dat gevoel, die deur, dat is al zuurstof.
Je lijf ontspant vaak pas als het weer opties ziet.

Het woord dat je beweging geeft

Misschien herken je dit, zeker nu je even afstand hebt van de routine:

Je hebt een “goeie job”, maar je lijf protesteert.
Je bent sneller kortaf thuis.
Je stelt uit, scrolt, prutst, of je werkt net té lang door omdat stoppen ongemakkelijk voelt.

Wat als je probleem niet “de job” is, maar de manier waarop je dag is samengesteld?
Wat als je energie niet weglekt door werk op zich, maar door werk dat jou niet meer past?
Wat als je in 2026 hetzelfde blijft herhalen en jezelf dan verwijt dat je “niet dankbaar genoeg” bent?

Er is één woord dat dit beantwoordt. En dat woord is: jobcrafting.

Jobcrafting betekent dat je je job bewust bijstuurt zodat ze beter past bij wie jij bent én bij wat je organisatie nodig heeft (Wrzesniewski & Dutton, 2001).

Je kan aan drie dingen sleutelen:

Aan je taken: wat je doet en in welke mix.
Aan betekenis: waarom dit werk voor jou ertoe doet.
Aan relaties: met wie je samenwerkt en hoe.

Wat er dan gebeurt, is verrassend simpel.
Als je anders naar je werk kijkt, ga je het anders doen. En als je het anders doet, voelt je dag anders.

In onderzoek zie je dat ook terug: jobcrafting hangt samen met meer werkplezier en betrokkenheid, en met minder burn-outklachten over tijd (Silapurem et al., 2024).

En hier zit een stille winst: je wacht niet langer tot je job “verandert”.
Je maakt zelf een verschuiving.

Betekenis verschuift

In studies over jobcrafting duikt een bekend voorbeeld op: mensen met exact dezelfde job die een totaal andere werkdag beleven. Denk aan hospital cleaners. Sommigen ervaren hun werk als “ik maak schoon”. Anderen zien zichzelf als deel van het herstel: even de weg wijzen, een patiënt geruststellen, kleine dingen doen die menselijkheid brengen. De functietitel verandert niet, maar de ervaring wel, omdat betekenis en contact subtiel verschuiven (Berg et al., 2020).

Wat Noor anders doet

Terug naar Noor, aan die keukentafel.

Haar patroon was strak en intens. Zoals veel mensen die “hun best doen”.
Ze deed wat op haar bord lag, slikte wat ze voelde, en hoopte dat het thuis wel zou zakken.

Maar zelfs in kerstvakantie bleef haar hoofd aan.
Dat is vaak het moment waarop je beseft: dit is geen drukke periode meer. Dit is een manier van werken geworden.

Ze begon klein. Niet met grote beslissingen, wel met één vraag op papier:
“Welke bijdrage wil ik eigenlijk leveren, los van wat er nu allemaal binnenkomt?”

Ze maakte twee korte lijsten.

Eén: dit geeft energie.
Twee: dit zuigt energie.

Ze krijgt energie van uitleg geven, dingen structureren, collega’s op weg zetten.
Ze verloor energie aan repetitief controlewerk dat niemand ziet, behalve als het fout loopt.

Vrouw aan keukentafel in kerstvakantie schrijft in notitieboek naast gesloten laptop, rustige focus en reflectie over werkdruk en energiegevers, subtiele kerstboom op de achtergrond

En dan deed ze iets wat veel mensen maanden uitstellen: ze vroeg een gesprek aan.
Niet met een klaagverhaal.

Met een voorstel dat “goed genoeg” was.

Ze zei: “Ik wil blijven bijdragen, maar ik wil mijn bijdrage scherper maken. Ik heb een idee dat ook het team kan helpen.”

Dat ene zinnetje doet iets belangrijks.
Het haalt je uit het vakje “degene die het gewoon opvangt” en zet je in het vakje “degene die meedenkt”.

Als jij niets zegt, vult de context je rol voor je in.
En dan word je al snel “degene die dat altijd doet”.

Als jij een voorstel maakt, geef je je leidinggevende houvast.
Je haalt het uit de sfeer van klagen en zet het in de sfeer van meebouwen. Dat helpt ook om engagement en verbondenheid te versterken (Noesgaard, 2024).

Zo maak je jobcrafting in 2026 concreet (zonder drama’s)

Wil je meer ademruimte? Doe dan één week lang een energie-logboek van drie minuten per dag. Noteer één taak die je oplaadde en één die je leegzoog.

Wil je minder frustratie? Doe dan elke ochtend eerst één taak die jou momentum geeft, niet de taak die het luidst roept.

Wil je je werk betekenisvoller voelen? Stel dan één keer per dag deze vraag: “Wie wordt hier beter van als ik dit goed doe?” Schrijf het antwoord in één zin.

Wil je minder het gevoel dat alles op jou hangt? Doe dan één relatie-shift: plan deze week 15 minuten samen met één collega die je energie geeft. Niet om te ventileren, wel om samen iets vooruit te duwen.

Wil je sneller verschil voelen? Kies dan één terugkerende taak en verander één ding: de volgorde, de aanpak of de verdeling. Eén. Niet vijf.

Wil je vermijden dat je jezelf gewoon beter leert verdragen? Doe dan deze check: na een kleine aanpassing voel je meer ruimte en meer initiatief, niet alleen “minder last”. Als het enkel verdoving wordt, is dat informatie. Dan wijst je systeem je richting een andere keuze.

Wil je dit bespreekbaar maken met je leidinggevende? Maak dan een mini-voorstel van één pagina: drie taken die je wil houden, twee die je wil afbouwen, één die je wil toevoegen, en waarom dat de doelen van het team helpt.

Mini-script (2 zinnen)
“Mag ik van jou 20 minuten om mijn rol scherper te krijgen? Ik heb een voorstel dat mijn werk beter laat aansluiten bij wat het team nodig heeft.”
“Ik wil dit zo aanpakken dat jij er ook beter van wordt: minder brandjes, meer vooruitgang.”

Kleine stappen, echte verandering

Niemand heeft ineens helderheid over zijn ideale job.

Het zijn de kleine verschuivingen die je werk opnieuw van jou maken.

En soms ontdek je daardoor ook iets anders:
dat je niet alleen je job aan het bijsturen bent, maar je grenzen aan het leren kennen.

Tot slot

Jobcrafting is geen truc om iets dat slecht zit “tolerabel” te maken.
Het is een manier om terug eigenaarschap te voelen en sneller te zien wat klopt.

Kerstvakantie is daar een rare, goede spiegel voor.
Niet omdat je plots alles moet beslissen, maar omdat je even hoort hoe je jezelf toespreekt wanneer het stil wordt.

Wat is voor jou het grootste energielek in je week?
En welke ene steen zou jij durven verleggen, nog voor je aan “opnieuw beginnen” denkt?

De volgende keer dat je achter je scherm zucht: adem één minuut laag en schrijf één zin over wat je vandaag wél wil bijdragen.

De volgende keer dat je denkt “ik kan dit niet meer”: kies één taak en verander de volgorde, de aanpak of de betekenis.

De volgende keer dat je wacht op toestemming: maak één voorstel dat ook voor je organisatie logisch is.

De volgende keer dat je voelt dat je in een rol vastzit: plan één gesprek waarin je je bijdrage hertekent.

De volgende keer dat je het woord “2026” denkt: maak het klein genoeg om maandag te starten.

Als loopbaancoach, perfectionismecoach en personal breintrainer help ik mensen zoals jij om hun mindset en zelfvertrouwen te ontwikkelen en via kleine stappen naar een groots en gelukkig leven te gaan.

Met bewezen mentale technieken creëren we de gewoontes die jij wil en leer je goede beslissingen te nemen en los te breken van een belemmerend verleden.

Dus neem contact op wanneer je meer wil weten over hoe ik je kan helpen je problemen op te lossen en je doelen te bereiken.

Meer inzichten en tips deel ik graag met jou in een wekelijkse mail. Dus wanneer je je realiseert dat je meer uit het leven wil halen, meld je dan nu aan in via deze link omdat je dan elke week een tip krijgt toegestuurd:

Stuur me tips

Ja, stuur me wekelijks tips

Lees verder:
Onbeperkte relaxatietherapie bij je thuis
Perfectionisme maakt je net minder perfect
Gun jij jezelf een loopbaancoach

P.S. Wanneer je dit artikel waardevol vindt, klik dan nu op een van de knoppen hieronder omdat je zo ook anderen inspireert met deze tips en inzichten. Of stuur het door naar één iemand die deze inzichten kan gebruiken. Want zo draag je bij aan een betere wereld. Dankjewel!

Referenties

  • Berg, J. M., Dutton, J. E., & Wrzesniewski, A. (2020, 12 maart). What job crafting looks like. Harvard Business Review. (ouder dan 5 jaar)
  • Morstatt, A. I., Bauer, G. F., de Bloom, J., Roman, Z. J., Tušl, M., & Kerksieck, P. (2025). Crafting for health: A longitudinal study of job and off-job crafting changes during the COVID-19 pandemic. Occupational Health Science, 9(3), 675–710.
  • Noesgaard, M. S. (2024). Building organizational commitment through cognitive and relational job crafting. European Management Journal, 42(3), 348–357.
  • Silapurem, L., Slemp, G. R., & Jarden, A. (2024). Longitudinal job crafting research: A meta-analysis. International Journal of Applied Positive Psychology, 9(2), 899–933.
  • Wrzesniewski, A., & Dutton, J. E. (2001). Crafting a job: Revisioning employees as active crafters of their work. Academy of Management Review, 26(2), 179–201. (ouder dan 5 jaar)

Perfectionisme maakt je minder perfect dan je bent

Perfectionismecoach over perfectionisme en OCP-coachingUiteraard is er niets mis met de dingen goed te willen doen.

Zolang het jouw vrije keuze is.

Maar wat als ‘willen’ ‘moeten’ wordt? En je niet meer anders kan?

Perfectionisme is de ‘te-modus’: te goed willen doen, te veel werken, te moeilijk kunnen kiezen, te sterk structureren.

Perfectionisme is de schadelijke ‘te’, die jou ongelukkig en moe maakt. Het leidt tot burn-out en andere ziektes.

Perfectionisme heeft dus niets te maken met goede prestaties. Het is niet hetzelfde als zorgen voor kwaliteit.

Het is wel een belemmerend patroon dat vanuit het onbewuste het denken, het doen en het voelen van mensen die eraan lijden aanstuurt. Deze manier van aansturen is niet efficiënt omdat het zorgt voor voortdurende stress en mensen ongelukkig maakt en soms ook ziek.

Hoe krijg je perfectionisme?

Perfectionisme ontstaat meestal in de kindertijd als een overlevingsmechanisme. Op een bepaald moment stelt een kind (meestal onbewust) vast dat het niet voldoet, niet OK is, zoals het op dat moment is. Hierdoor gaat het kind een manier van denken en doen ontwikkelen om graag gezien te worden (door ouders, leerkrachten, familie, vriendjes,..) en bevestiging te krijgen dat het OK is.

Perfectionismecoach over perfectionisme en OCP coaching

Wanneer wordt perfectionisme schadelijk?

Die nood aan externe bevestiging wordt vaak door de jaren heen nog sterker en gaat het leven van het kind en later de volwassene beheersen. In de plaats van een vrije volwassene te worden, worden we als het ware slaaf van het patroon. Meestal slaagt het patroon erin mensen ‘vooruit’ te helpen in het leven en carrière te laten maken. Maar de prijs die ervoor betaald wordt, is hoog. In de plaats van fluitend door het leven te gaan, worden we beheerst door stress, angsten, ontelbare moetens, schuldgevoelens, enz.

Maar ik geloof dat we als mens bedoeld zijn om vrije volwassenen te worden.  Zo iemand begint met zichzelf graag te zien en met respect te hebben voor zijn unieke zijn, voor zijn mogelijkheden, voor zijn lichaam. Vanuit die zelfliefde kan je je dan ook verbinden met anderen, met echt respect en echte liefde. Vanuit die vrije volwassenheid kan je bijvoorbeeld ook een job/loopbaan kiezen die echt past bij wie je bent en bij wat je aanvoelt als jouw missie. Zo iemand zet zijn denken en voelen in dienst van zijn vrij zijn.

Maar perfectionisme doet heel wat anders met jou. Het maakt je leven ingewikkeld, vol van moetens en stress. Weten wie je echt bent en wat jij echt wil is heel moeilijk en je bent daar eigenlijk ook niet mee bezig.  Het denken overheerst en vaak is het denken erg vermoeiend.

Welke symptomen van perfectionisme herken je?

1.    Bevestigingsdrang: je doet er alles aan om anderen gelukkig te maken, je kunt geen nee zeggen, je cijfert jezelf weg en vermijdt conflicten …
2.    De lat (te) hoog leggenvoor jezelf en anderen: je wil de beste medewerker en beste ouder zijn, alles moet perfect zijn …
3.    Faalangst en andere angsten: je laat kansen liggen op het werk, voelt je verkrampt, hebt angst om verlaten te worden, angst om in groep te spreken …
4.    Sterke controledrang: je hebt graag dat de dingen lopen zoals jij wil, je plant en structureert veel, organiseert, maakt to-dolijstjes …
5.    Heel veel denken, vaak piekeren: je negatieve gedachten draaien rondjes, je gaat niet over tot actie, je innerlijke criticus stata op de voorgrond, je analyseert veel,  …
6.    Niet snel tevreden over jezelf: je voelt je klein en onbelangrijk, je bent altijd onzeker over je eigen kunnen, je vergelijkt jezelf met anderen en voelt jezelf dan de mindere, je hebt een laag zelfbeeld …
7.    Uitstelgedrag: je bent met onbenulligheden bezig en ervaart dan stress om de deadline te halen, je kan jezelf niet motiveren, je stelt alsmaar uit …
8.    Moeilijk kunnen kiezen of beslissen: kiezen is verliezen, je blijft wikken en wegen, je doet lang over een nieuwe aankoop of je kan moeilijk van de menukaart kiezen…
9.    Doorgaan, niet opgeven: je gaat over je eigen grenzen, je bent ziek en toch ga je werken, je bent allergisch aan flauwe mensen, je blijft in een relatie die niet goed loopt…
10.  Te groot verantwoordelijkheidsgevoel: voor je werk, voor je kinderen…, je kan niet delegeren en neemt taken van anderen over …

Kan ik mezelf bevrijden van perfectionisme?

Ben jij ook zo moe van al dat moeten? Beperkt perfectionisme jouw groei?
Wil je met meer vertrouwen in het leven staan, je vrijer voelen om op te komen voor wat jij wil? Wil je echt genieten van alle mooie dingen die je doet en meer innerlijke rust vinden?

Dan kan Ontwikkelingsgericht Coachen van Perfectionisme (of OCP®) jou helpen. Het is een krachtige methodiek die je bevrijdt uit de valkuilen van perfectionisme. Dankzij deze methodiek verandert jouw dwangmatig ‘moeten’ in een prettig ‘willen’ en ‘kunnen’. De methodiek is gebaseerd op de principes rond interne delen die sterk ons denken, doen en voelen aansturen.

Hoe werkt de coachingsmethode?

In de coaching werken we met het deel dat het perfectionismepatroon aanstuurt. Dat deel werkt vanuit de linkerhelft (de denkhelft) van onze hersenen. We laten dit deel samenwerken met het deel (in de rechterhersenhelft) dat het vrije kind in ons aanstuurt. Als vrij kind staan we open en ongedwongen in het leven. Het vrije kind voelt zich echt vrij, is enthousiast, blij, helemaal in het moment.

Binnen de OCP-coaching maken we contact met beide delen. We leren ze waarderen en komen tot een samenwerking tussen beide delen. Als beide delen in een echte synergie samenwerken, voelen we harmonie en rust. Er ontstaat een nieuwe kern: ‘Ik ben oké zoals ik ben, zowel mijn innerlijk als mijn uiterlijk – ik zie mezelf graag en zorg goed voor mezelf. Vanuit die overtuiging sta ik in de wereld en ga ik mijn relaties aan.’

Het resultaat? De samenwerking van de interne delen leidt tot de ‘vrije volwassene’, die authentiek en spontaan in de wereld staat. Relaties verbeteren, je ervaart een groter geluksgevoel, je durft jezelf te zijn, je leeft met focus, doorbreekt verslavingen …

Enkele voorbeelden van wat het resultaat kan zijn van een OCP-coachingtraject

Voor aanvang van het coachingtraject

Na het afronden van het coachingtraject

Nood aan bevestiging en waardering van anderen Jezelf kunnen bevestigen en jezelf en wat je doet echt kunnen appreciëren
Verwachtingen hebben en ze niet kunnen uitspreken Met gemak duidelijk kunnen maken wat je van anderen verwacht
Laag zelfbeeld – jezelf en wat je doet niet oké vinden Blij zijn met wie je bent – jezelf aanvaarden zoals je bent, met je grote en kleine kanten
Niet van jezelf kunnen houden Echt van jezelf houden en jezelf waarderen
Faalangst en andere angsten Je laten leiden door zelfvertrouwen
Controledwang In staat zijn los te laten
Moeite met kiezen of beslissen Keuzes kunnen maken gebaseerd op denken en voelen
Te groot verantwoordelijkheidsgevoel Gezonde verantwoordelijkheidszin
Doorgaan zonder je grenzen te respecteren Gezond evenwichtig engagement
Over je grenzen laten gaan door anderen Eigen grenzen respecteren en doen respecteren
Piekeren Mentale rust ervaren
Uitstelgedrag Zelf vrij kiezen wanneer je een taak uitvoert
Niet voor jezelf mogen en kunnen zorgen Met plezier zelfzorg opnemen, wetend dat dit alles in je leven ten goede komt

Hoe verloopt een coachingstraject?

Het coachingstraject om je te bevrijden van perfectionisme bestaat meestal uit vijf à zeven sessies, soms iets meer, soms iets minder. We spreiden de sessies over een periode van 3 maanden.

Bij de start van het traject brengen we jouw perfectionisme concreet in kaart. Jij denkt na hoe het komt dat je dit perfectionisme hebt ontwikkeld. We bespreken ook voorbeelden uit je leven nu. Vervolgens leid ik je als gecertificeerde OCP-coach door een proces dat het vrije kind en de andere delen in verbinding brengt.

Wim Annerel is perfectionismecoach #OCP

Gebeurt dit ook in bedrijven?

Bedrijven hebben doorgaans graag ‘perfecte’ medewerkers. Want die geven nooit op en gaan pas naar huis als het werk gedaan is. Het zijn makkelijke medewerkers, want ze zeggen nooit neen en doen niet lastig. En hun werk is altijd in orde.

En toch is perfectionisme schadelijk. Want het leidt tot burn-out en andere ziektes. En dat wensen bedrijven hun medewerkers natuurlijk niet toe. Perfectionisme beperkt hun groei en maakt hen ziek. Steeds meer organisaties zien dit in en willen hun medewerkers helpen om met meer vertrouwen in het leven te staan, op te komen voor wat zij willen, te genieten van alle mooie dingen die ze doen en meer innerlijke rust te vinden. Om hen van hun perfectionisme te bevrijden, doen ook zij een beroep op een gecertificeerde perfectionismecoach.

Ik herken het perfectionismepatroon en wil mezelf ervan bevrijden, wat doe ik best?

–      Wil je er eerst meer over lezen, lees dan het boek Zeg me dat ik oké ben
–      Wil je graag meer praktische info over een coachingtraject om jezelf te bevrijden van het perfectionismepatroon, neem dan contact op met mij.
–      Wil je voor jouw organisatie een gesprek, een workshop of lezing over perfectionisme, neem dan contact op met mij.

Als gecertificeerd perfectionismecoach help ik jou om jezelf te bevrijden van perfectionisme, om met meer vertrouwen in het leven te staan, op te komen voor wat jij zelf wil, te genieten van alle mooie dingen die je doet en meer innerlijke rust te vinden. Want het leven is te kort om niét te gaan voor het leven dat je wil en dat je verdient! Neem gerust eens contact op voor meer info over coaching.

Inzichten en tips deel ik graag met jou in een wekelijkse mail. Schrijf je daarom nu in via deze link:

Stuur me tips

Lees verder:
Ga voor de job/loopbaan die je echt wil
Zo leef je meer in het nu (9 tips)
Leef meer als jouw toekomstige zelf

P.S. Verspreid deze info over perfectionisme bij jouw kennissen en deel dit artikel door op de Facebook, LinkedIn of Twitter-knop te klikken.

Deze 10 tips maken dat je je weer oké voelt met jezelf

Deze 10 tips maken dat je je weer oké voelt met jezelf en jouw zelfvertrouwen boost Niet elke dag loopt even lekker. En zeker wanneer je je ‘niet goed genoeg’ voelt voor iets of iemand.

Dit zijn 10 dingen om aan te denken wanneer dat ‘niet genoeg’ gevoel opduikt. Zodat je jouw zelfvertrouwen een boost geeft.

  1. Er loopt echt meer goed dan dat er verkeerd loopt

De waarheid is dat je – ook al voelt het niet zo – niet meer dingen verkeerd doet dan een ander. Je bent even menselijk als alle anderen. Weet dat fouten deel uitmaken van het leven. Het is tijd om te stoppen met jezelf met anderen te vergelijken. En het is tijd om JOUW beste leven te leiden.

  1. Wees mild voor jezelf

Uit onderzoek blijkt dat vriendelijk zijn voor jezelf dé factor is voor meer zelfvertrouwen. Geef jezelf minstens evenveel waardering als je aan anderen geeft. En maak je al eens een fout, vergeef jezelf dan. Aanvaard die situatie en ga weer verder.

Accepteer ook jezelf zoals je bent. Dat betekent niet dat je niet moet proberen om jezelf te verbeteren. Het betekent wel dat je jezelf accepteert voor wie je bent, verantwoordelijkheid neemt voor je daden en verder gaat.

  1. Focus op vooruitgang eerder dan op perfectie

Proberen om perfect te zijn blokkeert en belemmert je meer dan dat het je vooruit doet gaan. Focus op wat je wél al hebt bereikt.

  1. Praat anders tegen jezelf

Bewust of onbewust praat je de hele dag tegen jezelf. Hoeveel procent daarvan is positief? En hoeveel negatief? Beslis om niet verder te gaan met negatief tegen jezelf te praten. Het heeft een enorme impact op hoe je je voelt en wat je doet. Praat tegen jezelf alsof je een heel goede vriend of vriendin aanmoedigt.

  1. Stop met jezelf te vergelijken met anderen

Terwijl we onszelf bewust zijn van onze fouten, zien we die zelden van anderen. Wel zien we hun prestaties en successen. Via sociale media zien we anderen ook bijna alleen wanneer ze op hun best zijn. Maar niemand kan de hele dag op zijn best zijn, elke dag.

Dingen zijn niet altijd zoals ze lijken. We hebben bijvoorbeeld niet altijd een idee van hoe iemand iets heeft bereikt: bij de een is het door ervaring, bij de ander misschien door de juiste connecties.

  1. Leer te waarderen wat je hebt

Je hebt meer dan sommige mensen, en minder dan anderen. Het helpt om in gedachten te houden dat sommige mensen niet zoveel hebben als jij. Zelfs al heb je maar weinig vandaag. Maak eens kennis met iemand die minder heeft dan jij.

  1. De waarheid is dat het leven niet eerlijk is

Dat is een wrede waarheid. Mensen die het niet verdienen worden terminaal ziek en sterven. Er is niet veel dat jij of eender wie aan deze realiteit kan doen. Draag je een zware last, praat dan met mensen die iets gelijkaardigs meemaken en leer hoe je ermee kan omgaan.

  1. Verander wat je kan en leer accepteren wat je niet kan veranderen

Neem de controle over die domeinen van je leven waar je dat kan. Een goede plek om te beginnen is hoe je problemen oplost of hoe je denkt over een situatie. Je kan zelf bepalen hoe je een probleem aanpakt. Aan het verleden kan je niets veranderen. Maar je kan wél stappen zetten in de richting van een betere toekomst. Wat kan je vandaag al doen in de richting van waar je wil zijn?

  1. Geloof niet alles wat je denkt

Gedachten zijn maar gedachten. En het is niet gezond om veel macht te geven aan de negatieve gedachten. Je hoeft niet altijd te luisteren naar dat kritische stemmetje in jezelf.

  1. Kom vandaag nog in actie

Niet alles loopt zoals je het wil. Maar in plaats van erbij te blijven hangen, kan je ook beslissen om te veranderen. En dat hoeven geen grote stappen te zijn. Je kan vandaag al een mailtje versturen, iemand bellen, iets opzoeken,… om vooruitgang te boeken in jouw leven. Wat wordt jouw volgende stap?

BONUSTIP: Slaap nooit meer slecht dankzij de PSiO
stressbeheersingHeb je last van slaapproblemen? Ben je vermoeid of soms zelfs depressief? De PSiO-technologie biedt een innoverende, eenvoudige en efficiënte oplossing, goed voor jouw welzijn en voor meer energie.
Al meer dan 20 jaar wordt de PSiO-technologie succesvol gebruikt in ziekenhuizen om met name de stress bij lokale anesthesie, in de ontwaakzaal en in het slaaplaboratorium te beheren. De NASA kocht onlangs de PSiO om zijn efficiëntie te testen bij tijdsverschil en het beheer van stress bij astronauten. Ontdek hier meer over het klinische onderzoek, de wetenschappelijke studies over luminotherapie en het ontspannende effect van de PSiO. Want nu kan ook jij de PSiO uitproberen en aanschaffen.

Als coach help ik jou om je weer oké te voelen met jezelf en om vooruitgang maken in de richting van jouw doelen, en om zo ook stappen vooruit te zetten richting jouw droomleven.

Want het leven is te kort om niét te gaan voor het leven dat je wil en dat je verdient!

Inzichten en tips deel ik graag met jou in een wekelijkse mail. Schrijf je daarom nu in via deze link:

Lees verder:
Stop met aan jezelf te twijfelen in 5 stappen
Een laag zelfbeeld? Pas deze 7 tips toe
Heb je het gevoel dat je in een verkeerde job zit?

P.S. Wil je jouw vrienden én mij een plezier doen? Deel dan dit artikel via de Facebook, LinkedIn of Twitter-knop. Alvast bedankt!